Nederlandse huishoudens hebben hun spaarbuffers vorig jaar fors aangevuld. Terwijl de inkomens stegen, kozen consumenten ervoor om een deel van dit extra kapitaal niet uit te geven, maar op een spaarrekening of spaardeposito te zetten. Het totale spaartegoed bereikte hiermee een historisch niveau van ruim € 540 miljard.

Het spaargeld van Nederlanders in binnen- en buitenland steeg vorig jaar met 8,1%.
Hoewel het reëel besteedbaar inkomen met 2,7% toenam, bleef de consumptie achter bij de spaarbereidheid.
De inkomensgroei werd breed gedragen door cao-stijgingen (+5%) en een verhoging van het minimumloon (+5,6%).
Uit recente data van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat Nederlanders vorig jaar opnieuw meer spaarden.
Eind 2025 stond er in totaal € 540 miljard op spaarrekeningen in binnen- en buitenland, een stijging van 8,1% ten opzichte van het jaar daarvoor. Deze groeispurt is opmerkelijk; alleen in 2003 was de toename met 9,4% groter.
Bron: De Nederlandsche Bank
CBS-hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen merkt op dat het consumentenvertrouwen gedurende het jaar laag bleef, wat de primaire drijfveer lijkt te zijn voor het groeiende spaartegoed van Nederlanders.In plaats van de economie aan te jagen via consumptie, gaven huishoudens dus prioriteit aan het verstevigen van hun buffer.
Van Mulligen verwacht dat het in 2026 niet anders zal zijn: “Sinds de oorlog in het Mdiden-Oosten maakt het consumentenvertrouwen weer een duikvlucht.” Wanneer het consumentenvertrouwen daalt, kiezen huishoudens doorgaans voor financiële voorzichtigheid door hun uitgaven te beperken en hun spaarbuffers aan te vullen.
In maart maakte het consumentenvertrouwen nog de grootste daling in vier jaar tijd toe (van -24 naar -30). Consumenten keken aanzienlijk pessimistischer naar de economie.
Bron: CBS
De forse toename van spaargeld werd gefaciliteerd door een stijging van de inkomens. Werknemers zagen hun loon via cao-afspraken met gemiddeld 5% stijgen. Ook de laagste inkomens en uitkeringsgerechtigden gingen erop vooruit door de koppeling aan het minimumloon, dat met 5,6% werd verhoogd.
Na correctie voor de inflatie hield het gemiddelde huishouden 2,7% meer over onder de streep. Opvallend is dat deze extra koopkracht grotendeels naar spaar- of depositorekeningen lijkt te vloeien.
Tegelijkertijd zagen we dat de woningmarkt actief bleef: de totale hypotheekschuld nam toe met € 48 miljard tot een totaal van bijna € 936 miljard, voornamelijk door een stijging in het aantal transacties en de stijgende huizenprijzen.
Na het openen van je account kun je onbeperkt spaarrekeningen en spaardeposito's openen om hoge spaarrentes te ontvangen.
© 2026 Raisin SE, Berlin