Het spaargeld van Nederlandse huishoudens is in 2025 toegenomen met ruim 5%. Voor het zoveelste jaar op rij groeit het totale saldo op lopende rekeningen en spaarrekeningen. En terwijl het saldo op termijndeposito's iets afneemt, neemt het saldo op vrij opneembare spaarrekeningen juist toe.
.png&w=3840&q=75)
Met een stijging van circa € 30 miljard in één jaar tijd, groeide het totale bedrag aan spaargeld van Nederlandse huishoudens met dirca 5,1%. Hierbij is gekeken naar tegoeden op lopende rekeningen en spaartegoeden. Daarmee groeit het totale spaarsaldo voor het zoveelste jaar op rij, ondanks inflatie en hogere uitgaven voor levensonderhoud.
Het saldo op betaalrekeningen nam in 2025 af met zo’n 3%. In januari stond er nog zo’n € 113 miljard op betaalrekeningen, in december was dat teruggelopen naar zo’n € 109 miljard.
Vanaf halverwege 2022 zien we het saldo van Nederlanders op betaalrekeningen afnemen. De verklaring ligt voor de hand: spaarrentes stegen en dus hevelden huishoudens overtollig spaargeld actief over naar vrij opneembare spaarrekeningen en termijndeposito’s waar het wél rente oplevert.
De sterkste groei vond plaats op vrij opneembare spaarrekeningen. Het saldo steeg van € 401,6 miljard in januari naar € 439,3 miljard in december. Dat is een toename van circa € 37,6 miljard in één jaar tijd.
Door de hogere spaarrentes in 2024 en 2025 kozen veel spaarders ervoor om geld van betaalrekeningen over te hevelen naar vrij opneembare spaarrekeningen. Zo bleef het geld direct beschikbaar, terwijl het beter rendeert dan op een betaalrekening.
Het saldo op termijndeposito’s liet in 2025 juist een lichte daling zien. In januari stond er circa € 92 miljard vast op deposito’s met vaste looptijd, in december was dat teruggelopen naar ongeveer € 89 miljard. Dat is een afname van ongeveer € 3 miljard op jaarbasis.
De eerdere sterke groei (zichtbaar in 2023 en 2024 na de renteverhogingen van de ECB) lijkt daarmee te stabiliseren. Een deel van de deposito’s met hogere vaste rentes is in 2025 vrijgevallen, waarna spaarders mogelijk kozen voor meer flexibiliteit via vrij opneembare spaarrekeningen.
Bron: DNB
De jaarlijkse groei ligt lager dan in de coronajaren, maar is nog altijd fors. Nederlandse huishoudens blijven dus structureel veel spaargeld aanhouden.
De cijfers over 2025 laten een duidelijke herverdeling zien binnen het spaargeld van Nederlanders. Terwijl het totale spaarsaldo groeit, blijven grote bedragen minder vaak langdurig op betaalrekeningen staan waar het geen rente oplevert.
Tegelijkertijd laat de lichte daling van termijndeposito’s zien dat flexibiliteit opnieuw zwaar weegt. Met dalende spaarrentes en deposito’s die vrijvallen, lijken veel huishoudens ervoor te kiezen om eerst liquiditeit te behouden in plaats van hun spaargeld (opnieuw) lang vast te zetten.
Spaarders doen er goed aan om zichzelf de volgende vragen te stellen:
Hoeveel houd je direct beschikbaar?
Welk deel kun je vastzetten tegen een vaste rente?
Ontvang tot 1,92% op spaarrekeningen en 3,25% per jaar op termijndeposito’s.
© 2026 Raisin SE, Berlin