De hervorming van de box 3 belasting is hét gespreksonderwerp voor iedere serieuze belegger en spaarder. Waar je op dit moment nog belasting betaalt over een fictief rendement, wordt straks je daadwerkelijk rendement belast.
Veel mensen vragen zich af wat dit zal betekenen voor hun vermogen. Hoe rendabel blijft beleggen in vastgoed bijvoorbeeld nog? In dit artikel lees je de actuele plannen en wat deze voor jou als spaarder en/of belegger gaan betekenen.
.png&w=3840&q=75)
Door:
Auteur
Auteur
Vanaf 2028 wil de overheid belasting heffen via een vermogensaanwasbelasting op werkelijk rendement, in plaats van het oude fictieve systeem.
Het blijft voorlopig echter onduidelijk hoe je vanaf 2028 belasting betaalt. De Eerste Kamer heeft besloten om de stemming over de nieuwe box 3-regeling uit te stellen tot na de zomer.
Het kabinet komt op Prinsjesdag mogelijk met enkele aanpassing van de nieuwe vermogenswet box 3.
De belangrijkste wijziging is dat de overheid vanaf 2028 de belastingheffing in box 3 wil baseren op het werkelijke rendement van vermogen. Dit betekent dat je belasting betaalt over de inkomsten en waardestijgingen die je daadwerkelijk behaalt in box 3, zoals spaarrente, dividend en gerealiseerdekoers winsten op bijvoorbeeld aandelen, obligaties of andere beleggingsproducten.
Deze nieuwe vorm van belasting wordt vermogensaanwasbelasting genoemd; de opvolger van de vermogensrendementsheffing die in 2026 nog geldt. Dit systeem vervangt het huidige belastingstelsel met fictief rendement en zorgt voor een eerlijkere belastingheffing.
Op vastgoed en beleggingen in start-ups wordt waarschijnlijk enkel een vermogenswinstbelasting gehanteerd, waarbij pas belasting betaald hoeft te worden over het rendement bij de verkoop.
Echter stuit het wetsvoorstel op dusdanig veel kritiek, dat de Eerste Kamer de stemming heeft uitgesteld tot na de zomer van 2026. Op Prinsjesdag worden mogelijk wetsaanpassingen voorgesteld en lijkt het erop dat het wetsvoorstel in 2028 nog niet ingevoerd kan worden.
Tot de invoering van het nieuwe stelsel blijft in ieder geval het forfaitaire systeem van kracht, waarbij de overheid uitgaat van een fictief rendement, ongeacht het echte rendement dat je behaalt.
In deze tabel hebben we alle kenmerken en verschillen tussen het huidige belastingstelsel (vermogensrendementsheffing) en het nieuwe belastingstelsel (vermogensaanwasbelasting vanaf 2028) op een rijtje gezet:
Belastinggrondslag | Fictief rendement over je vermogen, met vaste percentages voor spaargeld, beleggingen en schulden. | Werkelijk rendement: belast zowel de inkomsten uit spaargeld en beleggingen, als de waardestijgingen |
Waardering vermogen | Waarde van vermogen minus schulden per 1 januari | Waardering op 1 januari en 31 december, verschil is belastbaar |
Vrijstelling | Ja; heffingsvrij vermogen (in 2026: € 59.684 per fiscaal partner) | Ja; heffingsvrij resultaat (naar verwachting € 1800) |
Verliesverrekening | Geen verliesverrekening mogelijk | Verliezen mogen verrekend worden met toekomstige (en mogelijk ook historische) verliezen |
Tarief | Vast tarief, nu 36% over het fictieve rendement | Tarief waarschijnlijk gelijk aan huidig box 3-tarief, 36% |
Vermogensbestanddelen | Spaargeld, beleggingen, etc. ongeacht verkoopstatus | Alle vermogensbestanddelen in box 3, inclusief onontgonnen waardestijgingen en inkomsten |
Complexiteit | Relatief eenvoudig (forfaitair systeem) | Complexer door waarderingen en ongerealiseerde winsten |
Doel | Eenvoudiger en voorspelbaarder | Eerlijker en rechtvaardiger |
Uitvoering | Huidig systeem nog gebruikt tot minstens 2028 | Invoering uitgesteld (was eerder 1 januari 2028) wet nog niet definitief |
De aankondiging van de nieuwe box 3-plannen heeft forse kritiek opgeleverd, zowel vanuit beleggers als diverse politici. De meeste kritiek gaat over de voorgestelde vermogensaanwasbelasting, waarbij papieren winsten worden belast. Ook is er kritiek op de verliesverrekening. Hoewel er wel verlies wordt verrekend met toekomstige winsten, gebeurt dat niet met terugwerkende kracht.
Hoewel Minister Heinen onlangs aangaf dat de nieuwe box 3-wetgeving 'terug naar de tekentafel' gaat, lijkt dat scenario van de baan. Mogelijk komen er op Prinsjesdag wel enkele aanpassingen, maar hoe dat precies eruit gaat zien is nog niet bekend.
Het nieuwe box 3-stelsel zoals deze nu is goedgekeurd door de Tweede Kamer (maar waarschijnlijk dus nog van een wijziging wordt voorzien) brengt de volgende gevolgen met zich mee:
Er komt (waarschijnlijk) een heffingsvrij rendement van € 1800 per persoon per jaar, waardoor kleine spaarders mogelijk niets extra kwijt zijn aan belasting. Tot dit bedrag aan rendement kunnen spaarders belastingvrij sparen.
Dit kan leiden tot liquiditeitsproblemen, omdat er belasting betaald moet worden over winst die nog niet in geld is omgezet.
Verliezen zijn wel aftrekbaar en kunnen verrekend worden met toekomstige winsten, wat voordelig kan zijn voor actieve beleggers.
Beleggers moeten meer administratie bijhouden door het jaarlijks vaststellen van waardeontwikkeling en inkomsten.
De jaarlijkse waardestijging wordt belast met vermogensaanwasbelasting.
Ook huurinkomsten zijn meegenomen in de belasting.
Net als bij beleggers kan dit leiden tot liquiditeitsproblemen omdat belasting over waardestijging moet worden betaald voordat het pand eventueel is verkocht.
Bij verkoop van het vastgoed wordt alsnog een aparte vermogenswinstbelasting geheven over het verkooprendement.Er komt wel verliesverrekening voor waardedalingen, wat voordelig is bij waardedaling van vastgoed.
In het algemeen betekent dit dat het nieuwe stelsel rechtvaardiger is door belasting over daadwerkelijk rendement en waardestijging, maar ook complexer en kan zorgen voor praktische uitdagingen, vooral bij beleggers en vastgoedbezitters die niet altijd direct liquiditeit hebben om belasting te betalen over ongerealiseerde winsten.
© 2026 Raisin SE, Berlin