Koopkracht speelt een cruciale rol in de financiële gezondheid van huishoudens en de economie. Maar wat betekent koopkracht precies, en hoe heeft deze zich in Nederland ontwikkeld in de afgelopen jaren? In dit artikel duiken we dieper in de cijfers en trends, met speciale aandacht voor 2026.
.png&w=3840&q=75)
Home › Kennisbank › Koopkracht in Nederland
Laatste update: 9 februari 2026
Koopkracht verwijst naar de hoeveelheid goederen en diensten die je kunt kopen met een bepaald inkomen. Simpel gezegd, hoe meer geld je bezit, hoe hoger je koopkracht. Factoren zoals inflatie, belastingregels en inkomensveranderingen beïnvloeden de koopkracht rechtstreeks.
Een daling van de koopkracht betekent dat je minder kunt kopen met hetzelfde inkomen, vaak als gevolg van inflatie. Als de spaarrentes dalen, is er ook sprake van koopkrachtverlies op spaargeld. In 2024 daalden de spaarrentes bijvoorbeeld fors, waardoor Nederlanders te maken kregen met een koopkrachtverlies van € 7,6 miljard op hun spaargeld.
En ook in 2025 daalde de koopkracht van Nederlanders: terwijl veel spaarders in 2025 een gemiddelde rente van 1,4% ontvingen voor hun vrij opneembaar spaargeld, bedroeg de inflatie ongeveer 3%.
Wanneer de koopkracht daalt:
Andersom leidt een stijging van de koopkracht tot meer financiële ruimte voor huishoudens.
Wanneer de koopkracht toeneemt:
Voor 2026 zijn er gemengde maar overwegend positieve verwachtingen voor de koopkracht en economie in Nederland. Hoewel de prijzen blijven stijgen, worden inkomensverwachtingen en beleidspakketten positief ervaren, wat gemiddeld leidt tot een stijging van de koopkracht.
Met een gemiddelde loonstijging van circa 4,3% en een inflatie van 3,2% in 2025 steeg de koopkracht van huishoudens gemiddeld met ongeveer 0,5%. Voor 2026 voorspelt het CPB een verdere verbetering: de mediane koopkracht stijgt naar verwachting met ±1,0%–1,3%, doordat lonen naar verwachting harder stijgen dan de prijzen en toeslagen/beleid aanvullend effect hebben.
Om de huidige koopkracht te begrijpen, is het belangrijk om te kijken naar de trends van de afgelopen jaren. De tabel en grafiek hieronder laten de gemiddelde koopkrachtontwikkeling per jaar in Nederland zien, van 2015 tot 2025:
2015 | +1,3% |
2016 | +3,0% |
2017 | +0,7% |
2018 | +0,6% |
2019 | +1,5% |
2020 | +2,5% |
2021 | +1,4% |
2022 | -1,1% |
2023 | +0,3% |
2024 | +3,6% |
2025 | +0,5% tot 0,7% (verwacht) |
2026 | 1,3% (verwacht) |
Volgens de beschikbare gegevens is er in 2025 een algemene trend van koopkrachtstijging zichtbaar in de Europese Unie, maar de precieze cijfers verschillen per land. Hier is een overzicht van de beschikbare informatie over de koopkrachtstijging in Europa voor 2025 (bron: GfK Purchasing Power Europe 2025):
Om de koopkracht te verhogen, zijn verschillende maatregelen nodig:
Beheersen van inflatie: Door een stabiel monetair beleid van de Europese Centrale Bank en maatregelen tegen stijgende energieprijzen.
Belastinghervormingen: Verlaging van de belastingdruk voor lage en middeninkomens.
Loonstijgingen: Het stimuleren van loonontwikkeling boven het inflatieniveau.
In 2026 worden er voorzichtige verbeteringen verwacht qua koopkracht, maar er blijft sprake van uitdagingen zoals de hoog blijvende inflatie. Door bewust om te gaan met financiële keuzes en het beleid te volgen, kunnen huishoudens hun koopkracht op peil houden of zelfs verbeteren.
Blijf op de hoogte van de laatste economische ontwikkelingen via onze kennisbank.
Koopkrachtpariteit, ook wel bekend als Purchasing Power Parity (PPP) betekent dat valuta’s worden vergeleken op basis van wat je er daadwerkelijk voor kunt kopen. Het idee is dat eenzelfde product in verschillende landen, omgerekend naar dezelfde valuta, evenveel zou moeten kosten. PPP corrigeert daarom voor verschillen in prijsniveaus tussen landen.
Je voorkomt koopkrachtverlies door je inkomen sneller te laten groeien dan de inflatie. Dat kan bijvoorbeeld door loonsverhoging, een hogere spaarrente, een deel van je spaargeld beleggen tegen een potentieel hoger rendement of door te besparen op je uitgaven.
Het land met de hoogste koopkracht per hoofd (gemeten als GDP per capita op basis van PPP) is Singapore. Met een waarde van 132.500 internationale dollars per persoon stijgt dit land boven alle andere landen uit.
Andere kleine, rijke economieën zoals Liechtenstein en Qatar scoren traditioneel ook zeer hoog bij deze maatstaf, maar Singapore wordt vaak geciteerd als koploper op basis van recente gegevens.
© 2026 Raisin SE, Berlin