Stel dat je een naaste financieel wil ondersteunen, bijvoorbeeld voor de aankoop van een woning, het aflossen van een schuld of het starten van een onderneming, hoe pak je dit dan aan? Wat zijn de risico’s, zijn er grensbedragen en wat vindt de Belastingdienst hiervan?

Een lening aan bekenden wordt een genoemd en moet altijd schriftelijk worden vastgelegd om fiscale problemen te voorkomen.
Je bent verplicht een te rekenen; doe je dit niet, dan kan de fiscus de lening als beschouwen.
Het uitgeleende bedrag behoort tot je vermogen in , wat gevolgen kan hebben voor de vermogensrendementsheffing die je betaalt.
Wanneer je iemand uit je directe omgeving financieel helpt, spreken we van een onderhandse lening tussen particulieren. Dit betekent simpelweg dat er geen bank of officiële kredietinstelling tussenkomt.
Veel voorkomende situaties zijn ouders die hun kinderen helpen bij de aankoop van een eerste huis (met een familiehypotheek) of vrienden die elkaar tijdelijk uit de brand helpen.
Hoewel het misschien informeel begint, is het juridisch gezien een bindende overeenkomst. Het grote voordeel voor de lener is vaak de toegankelijkheid en de soepelere voorwaarden, terwijl jij als uitlener doorgaans een hoger rendement kunt behalen dan wanneer je het geld op een reguliere spaarrekening laat staan.
In principe is er geen maximumbedrag dat je mag uitlenen. Je bent vrij om te bepalen welk bedrag je naar de rekening van een ander overboekt. Wel kijkt de Belastingdienst kritisch mee of het daadwerkelijk om een lening gaat en niet een verkapte schenking is.
Hoewel er dus geen limiet is aan het bedrag dat je mag uitlenen, is het wel verstandig om je af te vragen wat voor jou de grens is. Het uitgeleende bedrag is immers niet direct opeisbaar en ben je dus een tijdje ‘kwijt’.
Een van de meest gestelde vragen is: mag je geld lenen van familie zonder rente te rekenen? Het korte antwoord is: nee, tenzij je bereid bent schenkbelasting te betalen.
De Belastingdienst eist dat een lening zakelijk is. Dit betekent dat de rente die je rekent vergelijkbaar moet zijn met wat een commerciële bank zou vragen voor een soortgelijke lening. Dit noemen we een marktconforme rente.
Minimale rente: Meestal wordt een marge van 25% boven of onder de marktrente als acceptabel beschouwd.
Wanneer een hogere rente? Als het risico op wanbetaling groot is of er geen onderpand (zoals een woning) tegenover staat.
Wanneer een lagere rente? Bij een lening met eerste hypotheekrecht kan de rente vaak lager zijn omdat het risico voor jou als uitlener beperkt is.
Kies je voor een onderhandse lening zonder rente, dan ziet de Belastingdienst het misgelopen rentevoordeel als een schenking. Elk jaar mag je een bepaald bedrag belastingvrij schenken, waarbij de vrijstelling afhankelijk is van de relatie tussen de schenker en ontvanger.
Kom je boven de jaarlijkse vrijstellingsgrens uit? Dan moet er uiteindelijk schenkbelasting betaald worden. Wil je dit voorkomen, dan is het dus verstandiger om een rente af te spreken over de lening.
Het is belangrijk om een schuldbekentenis of leenovereenkomst op te stellen. Dit is niet alleen voor je eigen administratie, maar ook als bewijslast naar de fiscus toe.
In dit document leg je in ieder geval vast:
Het geleende bedrag.
Het rentepercentage.
Het aflossingsschema.
De looptijd van de lening.
Wat er gebeurt bij overlijden of faillissement van de lener.
Je hoeft hiervoor niet naar een notaris, tenzij het om een hypothecaire lening gaat waarbij je het recht van hypotheek op een woning wilt vestigen.
Een onderhands getekend document is in de meeste gevallen rechtsgeldig. Voor een waterdicht format kun je het schuldbekentenis voorbeeld van het Nibud als basis gebruiken.
Geld uitlenen heeft directe gevolgen voor je belastingaangifte. De lening die je verstrekt wordt gezien als een vordering en behoort tot je vermogen in box 3. Tot een bepaald grensbedrag in box 3 hoef je helemaal geen belasting te betalen. Dit wordt de box 3-vrijstelling genoemd.
In 2026 gaat het om € 59.357 voor alleenstaanden en € 118.714 voor fiscale partners. Is de totale som van je spaargeld, beleggingen en eventuele uitstaande leningen min eventuele schulden niet hoger dan deze grensbedragen? Dan hoef je geen belasting te betalen.
Over het bedrag boven deze grens wordt wel belasting geheven. Er wordt daarbij niet gekeken naar het daadwerkelijke rendement, maar de overheid hanteert een fictief rendement.Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen spaargeld, beleggingen en overige bezittingen. Een lening valt onder overige bezittingen, waarvoor een fictief rendementspercentage geldt dat aanzienlijk hoger ligt dan bij spaargeld.
Voor fiscaal jaar 2026 is het fictieve rendement op beleggingen en overige bezittingen vastgesteld op 6,00%, terwijl het voorlopige fictieve rendement op spaargeld is vastgesteld op 1,28%.
Bank- en spaartegoeden | 1,37% | 1,28% (voorlopig) |
Beleggingen | 5,88% | 6,00% |
Schulden | 2,70% | 2,70% (voorlopig) |
Het is dus goed om te beseffen dat het bedrag dat je uit zou lenen, ineens aanzienlijk hoger belast kan worden dan wanneer je het op je spaarrekening zou laten staan. Bereken dus goed of het voldoende loont om uit te lenen of dat je het beter op een spaarrekening kan laten staan met spaarrente en een lagere belastingdruk.
Heb je een eigen BV met overtollige liquiditeiten? Dan kun je ervoor kiezen om de lening vanuit je vennootschap te verstrekken. De rentebaten vallen dan in de BV en zijn belast met vennootschapsbelasting.
Let wel op: de lening moet ook hier zakelijk zijn. Als de BV een lening verstrekt die nooit terugbetaald kan worden, kan de Belastingdienst dit aanmerken als een verkapt dividend aan de dga (directeur-grootaandeelhouder), met de nodige belastingclaims tot gevolg.
Dit is het scenario waar niemand aan wil denken bij geld lenen aan vrienden, maar het komt helaas toch voor. Als de lener niet aan de verplichtingen voldoet, heb je als uitlener een probleem. Je kunt de lening opeisen via de rechter, maar dat beschadigt de relatie logischerwijs.
Als je de lening vervolgens kwijtscheldt, wordt dit op dat moment gezien als een schenking. Hierover moet dan mogelijk schenkbelasting worden betaald.
Hoewel dit artikel focust op bekenden, bestaat er ook de optie om geld uit te lenen aan onbekenden via bijvoorbeeld crowdfunding of peer-to-peer lending.
Het grote verschil is doorgaans het risicoprofiel. Bij onbekenden heb je geen emotionele band, wat zakelijke beslissingen makkelijker maakt, maar de controle op de kredietwaardigheid ligt vaak bij een tussenpersoon. Bij familie weet je vaak beter wat er speelt, maar kan het lastiger zijn om harde maatregelen te nemen bij betalingsachterstanden.
Iemand geld lenen is een krachtig middel om naasten te helpen, mits je de regels volgt. Zorg voor een marktconforme rente, leg alles schriftelijk vast en houd rekening met de fiscale druk in box 3. Zo blijft de lening een zakelijke transactie en voorkom je onnodige discussies met zowel de familie als de Belastingdienst.
© 2026 Raisin SE, Berlin