Heb je een tweede huis? Bijvoorbeeld een vakantiehuis of een appartement dat je verhuurt? Dan valt deze hoogstwaarschijnlijk in box 3. De Belastingdienst gaat ervanuit dat je rendement behaalt op je tweede woning en als je totale vermogen boven de heffingsvrije grens komt, ga je vermogensrendementsheffing betalen. Maar hoeveel belasting moet je betalen over een tweede huis in 2026? Waar moet je nog meer rekening mee houden? Raisin legt uit.

De waarde van een tweede woning (min eventuele schulden op deze woning) geef je in principe op in . In box 3 worden ook je spaargeld en beleggingen belast.
Als je vermogen in box 3 (spaargeld, beleggingen zoals een tweede woning etc.) in 2026 na aftrek van schulden boven de € 59.357 (of € 118.714 als fiscale partners) uitkomt, ga je hierover betalen.
Een tweede huis wordt belast op basis van de min een eventuele schuld (zoals een hypotheek op een tweede woning).
In box 3 betaal je een vermogensrendementsheffing, ook wel vermogensbelasting, box 3-belasting of spaartaks genoemd.
Bij het vaststellen van deze heffing gaat de Belastingdienst uit van een fictief (forfaitair) rendement. Zolang je tweede huis in box 3 valt, maakt het dus niet uit hoeveel je woning daadwerkelijk oplevert. En ook niet of je het verhuurt en hoeveel huur je daarmee binnenhaalt.
Dit blijft zo tot minstens 2027. Vanaf 2028 wil de overheid vermogen belasten op basis van het werkelijke rendement. Dan moet je dus je verhuuropbrengsten opgeven en daar belasting over betalen. Ook de jaarlijkse waardestijging van een tweede woning wordt dan belast.
Verhuur je een tweede woning? Dan hoef je op dit moment (nog) geen belasting te betalen over de daadwerkelijk gerealiseerde huurinkomsten. Je betaalt immers belasting over een fictief rendement, de daadwerkelijke opbrengst is niet relevant.
Hier zijn wel voorwaarden aan gesteld. Zodra je een tweede woning verhuurt op de korte termijn én hiernaast diensten levert, kan het dat de verhuur gezien wordt als inkomsten. Zodra je méér doet dan alleen de woning verhuren (bijvoorbeeld zelf ontbijt serveren, linnengoed wassen, of heel actief dagelijks huurders werven/begeleiden), ziet de Belastingdienst dit als een commerciële dienst of "resultaat uit overige werkzaamheden".
In dit geval moet je dan de volledige netto-opbrengst (100% van de huur minus de gemaakte kosten) opgeven in box 1.
Als je de woning waar je zelf woont tijdelijk verhuurt (bijvoorbeeld via Airbnb tijdens je vakantie), dan blijft de woning in box 1 (eigen woning). In dat geval geef je 70% van de ontvangen huur op als "inkomsten uit eigen woning". Kosten die direct samenhangen met de verhuur (zoals advertentiekosten of schoonmaak voor de gasten) mag je van de huur aftrekken voordat je de 70% berekenen.
Vaste lasten (zoals de hypotheekrente of verzekeringen) zijn niet extra aftrekbaar, omdat je die al via de eigenwoningregeling verrekent.Heb je een tweede woning in het buitenland gekocht, bijvoorbeeld een tweede huis in Spanje? Dan moet je dit opgeven als vermogen in box 3.
Omdat de woning in het buitenland staat, geldt in principe een vrijstelling voor je vakantiehuis of recreatiewoning in de belastingaangifte, mits je ook in beginsel inkomstenbelasting moet betalen in het desbetreffende land.
Nederland heeft met vele landen afspraken om dubbele belasting te voorkomen.
Wil je een tweede huis verkopen? In Nederland is de belasting op de winst van een tweede woning een relevant onderwerp voor huiseigenaren die overwegen hun tweede woning te verkopen. Deze winst, ook bekend als de 'kapitaalwinst', wordt tot minstens 2028 niet direct belast. Echter, zodra een woning wordt verkocht met winst, kan deze winst indirect belast worden door de vermogensrendementsheffing in box 3 van de inkomstenbelasting.
Bij de verkoop van een tweede woning is het cruciaal om de bijleenregeling in acht te nemen. Als de woning meer oplevert dan de oorspronkelijke aankoopprijs plus verbeteringskosten, wordt dit beschouwd als overwaarde. Indien je binnen drie jaar na de verkoop een andere woning koopt, dien je deze overwaarde in te zetten voor de aankoop van de nieuwe woning om maximale hypotheekrenteaftrek te behouden.
De hypotheekrenteaftrek in Nederland is een fiscale regeling die toelaat dat de rente die je betaalt voor de hypotheek van je hoofdverblijf aftrekbaar is van je belastbaar inkomen in box 1. Dit verlaagt het inkomen waarover je belasting betaalt, waardoor je minder inkomstenbelasting verschuldigd bent.
Bij twee huizen werkt het als volgt:
Het is belangrijk te vermelden dat er specifieke regels en uitzonderingen kunnen zijn, bijvoorbeeld als de tweede woning tijdelijk als hoofdverblijf dient of als deze verhuurd wordt en je tijdelijk dubbele hypotheeklasten hebt. Voor de exacte toepassing van de regels en om te bepalen hoe dit in een specifieke situatie werkt, kan het raadzaam zijn om een belastingadviseur te raadplegen.
© 2026 Raisin SE, Berlin