Wijzigingen box 3 in 2026

Lees hier alles over het nieuwe stelsel vermogensrendementsheffing en ontdek aan de hand van rekenvoorbeelden hoe je belastingaangifte over 2026 eruitziet in box 3.

Wijzigingen box 3
HomeBox 3 belastingWijzigingen box 3 in 2026

Laatste update: 13 mei 2026

In het kort

  • Tot minstens 2028 wordt je vermogen in box 3 boven de vrijstellingsgrens nog belast op basis van een jaarlijks vastgesteld fictief rendement op beleggingen en spaargeld.

  • In fiscaal jaar 2026 is de vrijstellingsgrens € 59.357 voor alleenstaanden en € 118.714 voor fiscale partners.

  • Het voorlopige fictief rendement op spaargeld is in fiscaal jaar 2026 gaat omlaag naar 1,28%. Het fictieve rendement op beleggingen gaat omhoog naar 6,00% in 2026.

  • De vermogensrendementsheffing over het fictieve rendement blijft onveranderd in 2026: 36%.

Overbruggingsstelsel in box 3 tot minstens 2028

Het huidige box 3-stelsel (overgangsstelsel tot minstens 2028) maakt gebruik van drie getallen om tot de uiteindelijke berekening van de belasting te komen.

Allereerst wordt het gemiddelde rendement op het vermogen berekend, aan de hand van het beleggingsdeel, spaardeel en de schulden. Hierbij draait het dus niet meer om een aangenomen beleggings- en spaardeel, maar om hoeveel geld een belastingplichtige daadwerkelijk in beleggingen (en ander vermogen en bezittingen, zoals een tweede woning) en spaargeld heeft staan.

Dit gemiddelde rendement op het vermogen wordt vermenigvuldigd met de grondslag sparen en beleggen om tot het belastbare rendement op vermogen te komen. Dit belastbare rendement op vermogen wordt vervolgens vermenigvuldigd met het belastingtarief (36% in 2025 en 2026) om te komen tot de uiteindelijke belasting.

Fictief rendement in 2026

Ook in 2026 betaal je nog belasting over een fictief rendement. Het plan was eerder om vanaf 2026 belasting te gaan heffen over het werkelijke rendement  in box 3, dus over wat je écht verdient met je spaargeld en beleggingen. Dat nieuwe systeem is echter uitgesteld tot 2028. Om het gat in de begroting te dichten dat hierdoor ontstaat, lag er eerst een plan om het heffingsvrije vermogen fors te verlagen (naar iets meer dan € 51.000) en het fictieve rendement op beleggingen te verhogen van 5,88% in 2025 naar 7,78% in 2026. 

Die plannen zijn nu toch van de baan. Het heffingsvrije vermogen is niet verlaagd, maar juist verhoogd: naar € 59.357 of € 118.714 als fiscale partners.

 Het fictieve rendement op beleggingen is definitief vastgesteld op 6,00% voor fiscaal jaar 2026. Op spaargeld is het fictief rendement voorlopig vastgesteld op 1,28%, iets lager dan in 2025 (1,37%).

Ook in 2026 kun je het formulier "Opgaaf werkelijk rendement" gebruiken om bezwaar in te dienen tegen de vermogensrendementheffing die je moet betalen, als je rendement lager is dan de fictieve rendementen.

VermogenFictief rendement 2025Fictief rendement 2026

Bank- en spaartegoeden

1,37%

1,28% (voorlopig)

Beleggingen

5,88%

6,00%

Schulden

2,70%

2,70% (voorlopig)

Overzicht: veranderingen in box 3 in 2026

  • Het heffingsvrij vermogen wordt geïndexeerd en gaat omhoog naar € 59.357 per fiscale partner.
  • Het belastingtarief op fictief rendement uit vermogen blijft gelijk (36%).
  • Het fictieve rendement op spaargeld gaat voorlopig omlaag van 1,37% naar 1,28%.
  • Het fictieve rendement op beleggingen gaat definitief licht omhoog van 5,88% naar 6,00%.
  • Het fictieve rendement op schulden blijft voorlopig gelijk op 2,70%. De schuldendrempel blijft ook gelijk: € 3800 voor alleenstaanden en € 7600 voor fiscale partners.

Wat verandert er in box 3 in 2028?

In 2028 is het de bedoeling dat we overstappen naar een volledig nieuw box 3-stelsel. Waar we tot en met 2027 nog werken met het overbruggingsstelsel (waarbij de fiscus rekent met fictieve rendementen), is het kabinet van plan om in 2028 over te stappen op een systeem op basis van werkelijk behaald rendement.

De belangrijkste verandering is dat je dus niet langer belasting betaalt over een verzonnen percentage dat de overheid vaststelt, maar over de rente-inkomsten die je daadwerkelijk hebt genoten en het beleggingsrendement dat je daadwerkelijk hebt gemaakt. Dit wordt vermogensaanwasbelasting genoemd.

De stemming hierover vindt op zijn vroegst eind mei plaats. Tot die tijd is het nog niet zeker of de Eerste Kamer het wetsvoorstel goedkeurt en de wet daadwerkelijk ingevoerd zal worden in 2028.

Lees meer over de plannen voor 2028

Door:

  • Nicole van Roekel
    Auteur: Nicole van Roekel

    Content Manager & Copywriter

    Meer lezen
  • Expert: Eelco Habets
    Expert: Eelco Habets

    Algemeen directeur

    Meer lezen